Prijsvolatiliteit en wereldwijde concurrentie

Prijsvolatiliteit en wereldwijde concurrentie

De melkquota, het systeem waarmee de Europese Unie de melkprijs dertig jaar lang reguleerde, worden per 1 april 2015 afgeschaft.

Nederland heeft een goede uitgangspositie op de internationale zuivelmarkt, maar de boeren en de zuivelindustrie gaan onzekere tijden tegemoet, waarin zij het hoofd moeten bieden aan een grotere prijsvolatiliteit en wereldwijde concurrentie.

Er is ruimte voor groei en innovatie – mits aan de geldende milieu-ambities voldaan wordt – maar de slag kan slechts gewonnen worden met goed ondernemerschap en een focus op verlaging van de kostprijs.

Vruchtbaarheid, gezondheid en welzijn van de dieren zijn meer dan ooit doorslaggevend op een modern melkveebedrijf. Preventie en monitoring, met behulp van nieuwe technologieën, stellen de melkveehouder in staat op basis van concrete (subklinische) gezondheidscijfers de juiste afwegingen te maken en proactief te handelen.

Prijsvolatiliteit op de wereldmarkt

Onzekerheid alom per 1 april, maar dat de prijzen zullen schommelen is een gegeven. Bij een vrije markt horen nou eenmaal grotere prijsfluctuaties. Het spel van internationale vraag en aanbod zullen de Nederlandse en EU-melk- en zuivelprijzen bepalen.

Na 2007 waren de fluctuaties in de EU-melkprijs reeds 85% hoger dan in de periode daarvoor, en sindsdien komen zij steeds dichter in de buurt van de fluctuaties die bijvoorbeeld de VS al langer kent. Het grotere aanbod zal de prijzen onder druk zetten, maar anderzijds kan de verwachte toenemende vraag de prijs hoog houden.

De evolutie van de Europese productie zal bepaald worden door de krachtsverhoudingen op de wereldmarkt. Prijsvolatiliteit is een complex samenspel van factoren als geopolitieke ontwikkelingen, klimaatveranderingen, economische crises, bewegingen op de valutamarkt, energieprijzen, regulering, het op- en afbouwen van voorraden, et cetera.

Als bijvoorbeeld in China de voorraden oplopen, heeft dit een direct effect op de vraag en dus de prijzen van babymelk en poedermelk. Momenteel speelt de afwaardering van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar een belangrijke rol: een zwakke euro versterkt de export van zuivelproducten naar derde landen. Daarnaast zijn er incidenten zoals het Chinese melamineschandaal dat de prijzen stuwde in 2010 en de Russische sancties in de tweede helft van 2014 die de afzet en daardoor de prijzen juist onder druk zette.

prijsvolatiliteit

Bron: OECD-FAO

Sinds de zomer van 2014 daalden de gemiddelde melkprijzen in zeven achtereenvolgende maanden, terwijl voor zowel februari (+ 1,25 euro) als maart (+ 2,50 euro) weer een lichte stijging optrad (garantieprijzen FrieslandCampina).

Ook zijn de prijsnoteringen van boter en mager melkpoeder de afgelopen maanden fors gestegen. De verwachte productietoename na afschaffing van het melkquotum op 1 april heeft echter een drukkend effect op de prijzen, zoals blijkt uit de officiële Nederlandse noteringen van de afgelopen tijd.

Verwachtingen en voorspellingen

De Nederlandse zuivelindustrie investeerde tussen 2013 en 2015 reeds 2 miljard euro in nieuwe fabrieken en uitbreiding van bestaande fabrieken. Hiermee is veel nieuwe werkgelegenheid gecreëerd en staat de sector klaar om te profiteren van het wegvallen van het quotum.

De Europese Commissie verwacht 3% groei van de Europese melkproductie in de periode tot 2020. De verwachte groei voor Nederland ligt op 1% per jaar tot 2015 en 2 à 3% per jaar na 2015. Voor de middellange en lange termijn voorspellen marktanalisten een aanzienlijke omzetstijging. Voor de korte termijn is het perspectief echter onzeker.

In principe heeft de industrie een goede uitgangspositie om met prijsvolatiliteit om te gaan. Er is voldoende diversiteit wat betreft producten en handelsbestemmingen. Kaas heeft een relatief groot aandeel in de productmix; één van de meest stabiele producten als het om prijs gaat. Flexibiliteit in de aanpassing van productiefaciliteiten en diversificatie in handelsbestemmingen zullen essentieel blijken om in te spelen op de alsmaar wijzigende realiteit van wereldwijde vraag en aanbod.

De vooruitzichten voor de wereldwijde zuivelvraag op de lange termijn zijn gunstig. De groei van de wereldbevolking doet de mondiale vraag naar zuivelproducten toenemen.

In opkomende economieën in Azië, Zuid-Amerika en Afrika zorgt de stijgende welvaart voor een verschuiving in eetgewoonten van granen naar dierlijke producten, zoals zuivel. De verwachting van de OECD en FAO is dat lokale producenten niet kunnen voldoen aan de groeiende behoefte aan melkpoeder en ingrediënten.

Het tekort aan melkpoeder wordt in Azië en Afrika in 2023 geschat op 3.600 kiloton, 18 keer de huidige melkpoederproductie in Nederland. Het tekort aan kaas in Azië en Afrika neemt in diezelfde periode naar verwachting toe met gemiddeld 9% per jaar. Deze tekorten moeten worden aangevuld vanuit het buitenland.

regionale verschillen in productiegroei

Regionale verschillen in productiegroei (kt)
Bron: OECD-FAO Agricultural Outlook 2011-2020

De Rabobank, veruit de grootste financier van de agrarische sector, voorspelt dat op middellange termijn de wereldwijde vraag in de zuivelmarkt zal toenemen met een samengesteld jaarlijks groeipercentage (CAGR) van boven de 2 procent ten opzichte van 2014 tot en met 2020.

Deze voorspelling is gebaseerd op een aanhoudende bevolkingsgroei, verstedelijking, globalisering en toenemend besteedbaar inkomen.

Ondanks de verwachte toename in de vraag, is het beeld niet alleen maar positief. De turbulentie die de zuivelindustrie de afgelopen jaren reeds ervaren heeft is voorlopig nog niet ten einde.

Wetgeving en politiek

De overgang brengt niet alleen onzekerheid teweeg en maar ook veel zorgen, met name bij natuur- en -milieuorganisaties. De vrees is dat de melkveesector de varkenshouderij achterna gaat, met megastallen, intensieve veehouderij en een enorm mestoverschot, elke kilo melk levert tenslotte ook een kwart kilo mest op en een kilo broeikasgas.

Een grotere hoeveelheid veevoer is benodigd, waarvan de ingrediënten uit andere continenten geïmporteerd worden en mogelijk daar ten koste gaan van bodem en milieu. Dit alles heeft geleid tot politiek gesteggel over de invoering van “dierrechten” teneinde een rem te zetten op de mest- en ammoniakproductie.

Boeren mogen dan alleen meer koeien houden, als ze dierrechten kopen van veehouders die gaan krimpen of stoppen. Milieuorganisaties zijn er niet enthousiast over en zien andere problemen als het ontbreken van kringlopen, het verdwijnen van de koe uit de wei en de grotere kwetsbaarheid van de boeren op de wereldmarkt. Zij willen liever grondgebondenheid bevorderen.

Ook staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken betwijfelt of het de landbouwers lukt om meer melk te produceren zonder het milieu extra te belasten. Ze heeft om ongeremde groei van de sector tegen te gaan de Wet Verantwoorde Groei Melkveehouderij laten optekenen, die half december 2014 in de Eerste Kamer aangenomen is.

Deze wet reguleert de groei van de melkveehouderij door aan de fosfaatproductie bepaalde voorwaarden te verbinden. Alle fosfaatproductie die boven de melkveefosfaatreferentie van 2013 ligt moet ofwel op eigen grond plaatsvinden, ofwel voor 100% worden verwerkt. Een combinatie van beide is ook mogelijk.

De ruimte die milieudoelstellingen bieden voor groei van de veestapel wordt echter niet alleen bepaald door Nederlandse wetgeving. Er zijn zowel nationale als internationale afspraken en ambities op het gebied van mineralenkringloop en uitstoot van gassen. Deze afspraken leiden, zowel voor de sector als voor bedrijven, tot concrete randvoorwaarden op het gebied van mestaanwending, ammoniakuitstoot, CO2- en methaanemissies.

Wilt u nu alvast meer informatie? Neem contact met ons op!

Contact

Referenties:

ABN AMRO (2011). Vrije zuivelmarkt, bedreiging of kans? Strategie op weg naar 2020. Geraadpleegd maart 2015 via https://insights.abnamro.nl/vrije-zuivelmarkt-bedreiging-kans/

Down to Earth Magazine (2013). Bereid je voor op de melktsunami. Geraadpleegd maart 2015 via https://downtoearthmagazine.nl/bereid-je-voor-op-de-melktsunami

Eerste Kamer der Staten Generaal (2014). Wetsvoorstel 33.979 Wet verantwoorde groei melkveehouderij. Geraadpleegd maart 2015 via https://www.eerstekamer.nl/wetsvoorstel/33979_wet_verantwoorde_groei

Europa Nu (2015). Afschaffing melkquota. Geraadpleegd maart 2015 via http://www.europa-nu.nl/id/vht7nbdii8qv/afschaffing_melkquota

LEI Wageningen UR (2013). Sectorrapportage Duurzame Zuivelketen. Geraadpleegd maart 2015 via http://www.duurzamezuivelketen.nl/sites/default/files/Jaarverslag%202013%20DZK.pdf

OECD-FAO (2014). Agricultural Outlook 2011-2020 (chapter 9 – Dairy). Geraadpleegd maart 2015 via www.agri-outlook.org en http://www.agri-outlook.org/48184340.pdf

Productschap Zuivel (2014). Zuivel in cijfers 2013. Geraadpleegd maart 2015 via https://www.prodzuivel.nl/pz/productschap/publicaties/zic/zic2013.pdf

Rabobank (2009). Samenvatting studie ‘Anders melken’ – De toekomst van de Nederlandse melkveehouderij. Geraadpleegd maart 2015 via https://www.rabobank.nl/images/3469_anders_melken_29180579.pdf

Wageningen UR Livestock Research (2014). Handboek Melkveehouderij 2014 digitaal. Geraadpleegd maart 2015 via http://www.wageningenur.nl/nl/show/Handboek-Melkveehouderij.htm

Dit bericht is gepubliceerd in Nieuws en getagged .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *